Guus Meeuwis - De weg
Tekst en muziek: Herbert Grönemeijer
(2005)






’k Kan nauwelijks wat zien door de waas voor mijn ogen
’t Lijkt alles gelogen, al het mooie lijkt dood
’k Heb zelfs de kracht niet om op te geven
Al wil ik het niet, het leven gaat door



We leefden ons leven om samen te sterven
De bergen beklommen en de dalen gedeeld
In het diepst van de nacht zelfs de zon laten schijnen
Niets wat niet kon en niets was te veel



We wilden geloven in eeuwig leven
Ons samen verscholen in wanhopige troost
We hebben de waarheid zo diep als kon begraven
’k Was één met een engel zolang het mocht



Waar jij verscheen, scheen de zon met je mee
Geen tijd voor verdriet, maar elke dag omarmd
En altijd vrolijk, hoe jij dat voor elkaar kreeg
Met oneindig veel moed, ’t leven is niet fair



De dans, gedanst op een zilveren tapijt
Met jou dicht bij mij, de verloren tijd beweend
Doelloos verzonken en dronken en niets dat niet mocht
Wij twee door de tijd, de tijd heen, midzomernachtdroom



Waar jij verscheen, scheen de zon met je mee
Geen tijd voor verdriet, maar elke dag omarmd
En altijd vrolijk, hoe jij dat voor elkaar kreeg
Met oneindig veel moed, ’t leven is niet fair



Jouw stralende lach en je mooie gedichten
Jouw tedere woorden, je onverwoestbaar krachtige wil
Je hebt je noodlot steeds het hoofd geboden
Tot het eind geloofde je jouw idee van geluk
Jouw idee van geluk



Ik ga niet weg, ’k heb nog wat tijd gekregen
’k Zal altijd maar doorgaan tot aan het eind
’k Heb je voor altijd mijn hart gegeven
Ik draag je bij me, tot het licht straks dooft
Ik draag je bij me, tot het licht straks dooft









<<   Vorige nummer                     Overzicht jaren ’00                     Volgende nummer   >>




Naar boven                       Home