Kinderen voor Kinderen - De beugel
(2001)




M’n vader zei: “Die mond van jou
Die kost me mooi een auto”
Maar ik wou met zo’n raar gebit
Toch echt niet op de foto
Toen heb ik stevig doorgezeurd
En ja hoor, ’t is nu echt gebeurd
Ik heb me dus toch niet vergist
Hij zag meteen, wat ik jaren al wist
’k Ben helemaal weg van m’n
Orthodontist

Eindelijk hoor ik erbij
Eindelijk hoor ik erbij
Eindelijk komt alles op een rij
Eindelijk komt alles op een rij
Het einde van een fietsenrek
Ik krijg een stralend mooie bek
Hij neem me onder handen
Hij neem me onder handen
En ik krijg gave tanden

M’n moeder zei: “Da’s onzin
Het is gewoon een nieuwe mode
Dat had je in mijn tijd niet
Dat zijn oplichtersmethoden”
Maar ik krijg alles wat er hoort
Maar ik krijg alles wat er hoort
Met slotjes en een buitenboord
Met slotjes en een buitenboord
Ik heb me dus toch niet vergist
Ik heb me dus toch niet vergist
Hij zag meteen, wat ik jaren al wist
’k Ben helemaal weg van m’n
Orthodontist

Eindelijk hoor ik erbij
Eindelijk hoor ik erbij
Eindelijk komt alles op een rij
Eindelijk komt alles op een rij
Het einde van een fietsenrek
Ik krijg een stralend mooie bek
Hij neem me onder handen
Hij neem me onder handen
En ik krijg gave tanden

’k Heb paarse elastiekjes
Kijk, hier recht onder m’n lip
Die man, die snapt echt alles
Hij is één en al begrip

Eindelijk hoor ik erbij
Eindelijk hoor ik erbij
Eindelijk komt alles op een rij
Eindelijk komt alles op een rij
Het einde van een fietsenrek
Ik krijg een stralend mooie bek
Hij neem me onder handen
Hij neem me onder handen
En ik krijg gave tanden
En ik krijg gave tanden
En ik krijg gave tanden
En ik krijg gave tanden




Muziek: Ton Scherpenzeel / Tekst: Coot van Doesburgh







<<   Vorige nummer                     Kinderen voor Kinderen                     Volgende nummer   >>




Naar boven                       Home